Onthaal - FAQ - Wettelijke vermeldingen - Contact - Uitschrijven
U bent hier: overzicht Vrije tijd Verhaal


Zoeken

Meer dan 10.000 artikels, 6000 tips & weetjes, talrijke antwoorden van onze experten


Verhaal


Hoodstuk 17: Wat kunnen mensen toch naïef zijn

Ik kan wel tegen een beetje humor. Maar de uitdrukking "zwangerschapsverlof" [1] vind ik ronduit een giller van formaat. Sommige naïevelingen beelden zich in dat ik mijn dagen in ledigheid slijt en dat ik uit pure verveling mijn boekenkast even aan het herlezen ben. De overtuiging leeft dat ik om 18 uur voor TV neerplof. Tenzij er op de buis niets interessants te beleven valt. In dat geval zou ik voor de zoveelste keer mijn teennagels een ander kleurtje geven.

Zelfs Mark leeft in de waan dat het er hier overdag lustig, maar vooral rustig aan toegaat. "En hoe is de dag verlopen?", vraagt hij terloops als hij ’s avonds afgemat van zijn werk thuiskomt. "Ik heb voor ons kindje gezorgd." Waarop hij onveranderlijk : "Is dat alles?" En daarbij is hij zichtbaar ontgoocheld dat de tafel niet netjes gedekt is in afwachting dat ik één of andere verrukkelijke culinaire specialiteit uit de oven tevoorschijn tover.

Wil mijn heer en meester werkelijk weten wat ik in de loop van de voorbije twaalf uur heb uitgericht? Ga er dan even bij zitten. Ik heb zeventien kruippakjes gewassen, enkele hemdjes gestreken en ik ben met Steven bij de apotheker om eosine gegaan.

Vervolgens heb ik zijn eerste fruitpapje-met-appel-en-banaan klaargemaakt. Het heeft me veertig minuten lang water en bloed gekost eer het papje in dat kereltje was. Alles vergeefs. Eén flinke oprisping later zat zijn schortje helemaal onder de pap. Ik heb hem gewassen en andere kleertjes aangedaan. Waarbij ik twee ontdekkingen deed: één, dat zijn billetjes helemaal rood zagen. En twee, dat in heel het huis geen druppeltje Mustela meer te vinden was. Ik dus opnieuw naar de apotheker. In zeven haasten, om op tijd terug thuis te zijn voor het volgende flesje. Een kwartiertje wachten op het gelegenheidsboertje. En dan een dutje. Voor ons beidjes. Met al de slapeloze nachten van de laatste tijd, sta ik minstens 24 uur slaap achter. Of is het misschien te veel gevraagd om me tijdens de siësta [2] van Schattebol ook een klein uurtje rust te gunnen?

"’t Is al goed", sust mijn echtgenoot me. "Maar ik vraag mij wel af hoe je het denkt klaar te spelen als je vier kinderen zult hebben. Daar heb je toch altijd van gedroomd. Of niet soms?" Wat moet ik daar op antwoorden? Er zijn zo van die dagen dat Mark echt op mijn zenuwen werkt.

Intussen loopt mijn "zwangerschapsverlof" stilaan ten einde. Collega Julie heeft mij via de telefoon toevertrouwd "dat iedereen met spanning naar mijn terugkeer uitkijkt". Zo te horen moet mijn vervangster een onverbeterlijke miskleun zijn, die dag na dag de ene stommiteit na de andere uithaalt. Naar verluidt zijn de collega’s nu al opgelucht in het vooruitzicht dat zij eerstdaags opnieuw in mijn bekwame en efficiënte aanwezigheid zullen vertoeven (ik herhaal alleen maar wat mij gezegd is!). Nog een geluk dat ze daar niet toevallig op de witte raaf gevallen zijn, die met de glimlach tweemaal zoveel werk verzet als ik. Want dat bestaat, die zogenaamde "interims" die zich als tijdelijke kracht voordoen, maar heimelijk op een vaste baan azen. Bij voorkeur andermans baan.

In afwachting dat ik mijn dagen weer bij op mijn werk doorbreng, moet Steven eerst afkicken. Hij zal de borstvoeding en de bijbehorende lichaamswarmte moeten ruilen voor een banaal flesje lauwe melk. Het spreekt vanzelf dat ik alles gelezen heb over spenen [3].

Van het vermanend vingertje "de baby ervaart dat als een trauma: een brutale breuk in een, tot dan toe perfecte, moeder-kind relatie" tot de berustende wijsheid "doe het kalmpjes aan. Het is mogelijk dat uw baby het eerste flesje weigert. Forceer de dingen niet."

Ik bereid me op het ergste voor. Eén van die "door merg en been snijdende krijsbuien" waarin Steven zich gespecialiseerd heeft als iets hem niet zint.

Net zoals in de vakliteratuur wordt aangeraden, vraag ik aan papa of hij misschien dat eerste flesje wil geven. Van op afstand volg ik de gebeurtenissen. Voorzichtig en discreet. Maar daarom niet minder paraat om onmiddellijk de borst aan te reiken om mijn lieve jongetje van de hongerdood te redden. Maar tot mijn niet geringe verbazing verloopt alles zonder problemen. De "kunstmelk" (een eufemisme voor een banale oplossing van melkpoeder in mineraalwater) gaat er vlot in. Met grote teugen zuigt hij aan de siliconenspeen. En zoals het hoort, wordt de maaltijd met een flinke zelfvoldane boer afgesloten... Toch wel wat harteloos tegenover zijn moeder vind ik.

Aller en haut.